De Wet open overheid…transparantie begint bij de vragensteller

Stan Rethans is voorzitter van de Kennisgroep cao van de Belastingdienst. Geregeld vertelt hij over wat hij tegenkomt in zijn vakgebied. Dit keer over de Wet open overheid en alles wat dat met zich meebrengt. Rethans schrijft zijn columns op persoonlijke titel.

De Wet open overheid…transparantie begint bij de vragensteller
Beeld: Shutterstock

Het voordeel van een eigen column is dat je zo nu en dan eens de echte fiscale techniek aan de kant kunt schuiven om aandacht te geven aan een verschijnsel wat voor veel mensen minder zichtbaar is, namelijk de Wet open overheid (hierna: Woo). Deze wet is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), maar gaat nog een stukje verder. De overheid moet nu namelijk ook actief informatie openbaren, in plaats van te wachten tot iemand vragen gaat stellen.

Laat ik duidelijk zijn: het is natuurlijk een goede zaak als een overheid open en eerlijk communiceert en transparant is over de manier waarop besluitvorming plaatsvindt. Daar valt niets op af te dingen. 

In de praktijk

Aan veel van de 27 kennisgroepen van de Belastingdienst is gevraagd om alle standpunten die zij in het verleden hebben ingenomen qua historie, achtergrond en manier van besluitvorming aan te leveren. Daardoor ging veel primaire werktijd verloren aan het graven in het verleden om stukken te completeren.

Kennisgroepen publiceren nu al bijna 3 jaar standpunten en dat heeft een grote uitstralende werking. Op die manier kunnen ondernemers van Groningen tot Maastricht kennis nemen van kennisgroepstandpunten. Echt bedoeld om voor iedereen een gelijk speelveld te creëren. De status van een kennisgroepstandpunt is gelijk te stellen met beleid vanuit de Belastingdienst. Als werkgever kun je vertrouwen ontlenen aan kennisgroepstandpunten voor je eigen casus.

Maar wat voor zin heeft het om eerdere conceptversies van de standpunten op te vragen, of de notulen van de vergaderingen waarin de standpunten intern werden afgestemd? Tijd voor de actuele vragen en kwesties kwam door deze uitvraag sterk onder druk te staan. Kennisgroepen behandelen rechtsvragen en ingewikkelde helpdeskvragen, en de druk op de doorlooptijd voor beantwoording loopt dus op. Een slechte zaak!

Is dit de bedoeling van de Woo?

Nee, zeker niet. Maar er is wel een groot neveneffect. De grootste weeffout die de Wob had en die is overgenomen in de Woo, is dat een vragensteller geen belang hoeft te hebben bij het stellen van een vraag. Dat lijkt prachtig, maar zet de deur open voor het lukraak, ongericht stellen van vragen, waarvan het nut twijfelachtig is. Intussen kost het de overheid veel capaciteit om deze vragen te beantwoorden.

Op grond van een aantal weigeringsgronden hoeft de overheid niet aan ieder verzoek gehoor te geven. Een paar daarvan zijn absolute weigeringsgronden, zoals de staatsveiligheid, persoonsgegevens en het verstrekken van burgerservicenummers. Daarnaast zijn er relatieve weigeringsgronden, waarvan vooral de grond intern beraad/persoonlijke beleidsopvattingen een hele lastige is. Er moet immers ruimte zijn om intern met elkaar van gedachten te wisselen om te komen tot een goed standpunt, zonder dat alles later op straat komt te liggen. Ziedaar het spanningsveld dat de Woo oproept. En de hoofdregel is de informatie leveren tenzij….

Inwerkingtreding wet

Op 1 mei 2022 trad de Woo in werking. Per 1 november 2024 is daarin een nieuwe fase aangebroken, omdat de overheid nu ook gefaseerd in een aantal tranches actief informatie openbaar gaat maken. Op zich natuurlijk zeker toe te juichen, maar ook weer omgeven met lastige interpretaties welke stukken daar nu onder vallen. Zo ben ik zelf altijd van mening geweest dat afspraken die ik vanuit mijn eigen Kennisgroep cao met cao-partijen en branches maak, in beginsel gemaakt worden binnen de beslotenheid van een — noem het maar — contractuele relatie. Het extern publiceren van zo’n afspraak behoorde daar in elk geval niet bij. Als een partij dit zelf wel deed, was dat prima natuurlijk.

De actieve openbaarmaking brengt het publiceren van afspraken tussen de Belastingdienst en cao-partijen en/of branches dichterbij. Op dit moment wordt nagedacht of hierin een duidelijke lijn kan worden ontwikkeld. Naarmate de uitstraling voor een brede groep groter is, neemt de kans op publicatie toe. Uiteraard wel absoluut omgeven met waarborgen voor persoonlijke gegevens van betrokkenen. Overigens worden partijen wel vooraf meegenomen in een mogelijke publicatie en kunnen zij eventuele bezwaren naar voren brengen.

Kennisgroepen en overheidsvertrouwen

Dit past allemaal wel in de huidige trend dat externe partijen naar aanleiding van het publiceren van een kennisgroepstandpunt, over bijvoorbeeld een afspraak met een cao-partij, een beroep doen op die publicatie, met het doel om dezelfde afspraak te kunnen maken. Een steen in de vijver maakt vele kringen. Overigens wel met succes, want er zijn al meerdere kennisgroepstandpunten gepubliceerd die dan weer de voorwaarden aangeven waarop een derde partij een beroep kan doen op een afspraak tussen de Belastingdienst en een cao-partij.

De Woo met passieve en actieve openbaarmaking is gebaseerd op een goede gedachte om bij te dragen aan een transparante overheid. Daardoor zou het vertrouwen van de burger in diezelfde overheid toe moeten nemen. Maar wetgever, neem daar alsjeblieft in op dat een vragensteller een belang moet hebben om een vraag te stellen. De huidige wet zorgt er juist voor dat er onnodig zand in de motor van een vaak toch al stroef draaiende overheid terecht komt!   

Lees meer over

Mr. Stan Rethans

Mr. Stan Rethans

Voorzitter Kennisgroep cao

Stan Rethans is voorzitter van de Kennisgroep cao van de Belastingdienst. Geregeld vertelt hij over wat hij tegenkomt in zijn vakgebied. Hij schrijft zijn columns voor Salarisnet op persoonlijke titel.

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.