Werklocatie wijzigen bij een oproepkracht: mag dat korter dan 4 dagen van tevoren?
Wekelijks behandelen we een praktijkvraag uit de salarisadministratie. Deze keer gaat het over het wijzigen van de werklocatie van een oproepkracht.

Wekelijks behandelen we een praktijkvraag uit de salarisadministratie. Deze keer gaat het over het wijzigen van de werklocatie van een oproepkracht.

Met 'Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd met uitgestelde prestatieplicht', ook wel nulurencontract genoemd, leg je de samenwerking vast als de arbeidsomvang niet vooraf duidelijk is.

Een oproepkracht werkt alleen wanneer daarvoor een oproep wordt gedaan. Hieronder vind je antwoorden op veelgestelde vragen over de oproepovereenkomst.

Voor werkgevers die veel met oproepkrachten werken, heeft de Wet arbeidsmarkt in balans grote veranderingen meegebracht. Omdat er bij werkgevers nog veel vragen leefden over de nieuwe voorwaarden, heeft de overheid een kennisdocument samengesteld met vragen uit de praktijk. Hier vind je een selectie van vijf vragen en antwoorden over de oproepovereenkomst.

Voor salarisprofessionals is het zaak om als gatekeeper te zorgen dat om de juiste redenen voor flexwerk wordt gekozen en dat dit voor beide partijen eerlijk wordt ingericht. Dat stelt Pieter Leenman, CEO van Maqqie. Hij noemt de vier 'goede' redenen voor om voor flexwerk te kiezen.

Wat zijn de gevolgen voor de WW-premie na een wijziging van het aantal overeengekomen uren? Wanneer is dan sprake van een oproepovereenkomst en moet u de hoge WW-premie toepassen? In dit artikel vindt u een overzicht van situaties die in de praktijk regelmatig voorkomen.

Ook met een 0-urencontract heeft een werknemer recht op vakantie en vakantiegeld. Hij bouwt vakantie-uren op over de uren die hij heeft gewerkt. Het vakantiegeld is minstens 8 procent van het loon dat de werknemer het afgelopen jaar heeft verdiend. Ook bij ziekte of als hij niet wordt opgeroepen, blijft er soms een loondoorbetalingsverplichting bestaan voor de werkgever.

In het eerste kwartaal van 2021 waren er 1,7 miljoen werknemers met een flexibele arbeidsrelatie, 122 duizend minder dan een jaar eerder. Na het ingaan van de coronamaatregelen, net voor het begin van het tweede kwartaal van 2020, daalde het aantal flexibele werknemers sterk. Niet alleen verloren mensen hun baan, er begonnen ook minder mensen met nieuw werk. Vanaf eind vorig jaar was die daling ten opzichte van een jaar eerder minder groot, onder meer doordat er in sommige beroepen meer nieuwe flexibele werknemers bij zijn gekomen. Dat melden het CBS en TNO op basis van een gezamenlijke analyse van de nieuwste gegevens over flexibel werk in Nederland.

In de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) die sinds 1 januari 2020 van kracht is, staan veel veranderingen voor het omgaan met werknemers met een flexibel, oproep- en 0-urencontract. Gaat u aan de slag met flexwerkers? Salarisnet zet de aandachtspunten op een rij.

In het tweede kwartaal van 2020 hadden 1,7 miljoen werknemers een flexibele arbeidsrelatie. Dat zijn er 272 duizend minder dan in het tweede kwartaal van 2019. Van het eerste op het tweede kwartaal van 2020 daalde het aantal flexwerknemers met 119 duizend. Deze daling betrof grotendeels flexwerknemers die minder dan een half jaar in dienst waren. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS over de beroepsbevolking in het tweede kwartaal.