Onjuiste loonadministratie leidt tot naheffingsaanslagen loonheffingen

De loonadministratie van een schoonmaakbedrijf is niet compleet. Van vrijwel alle werknemers ontbreekt de kopie van het identiteitsbewijs en ook de werknemersgegevens. De opgelegde naheffingsaanslagen loonheffingen aan de werkgever zijn terecht en tot de juiste bedragen opgelegd. Dat oordeelt Rechtbank Noord-Holland.

Onjuiste loonadministratie leidt tot naheffingsaanslagen loonheffingen

Een man dreef in 2007 en 2008 tot 1 april 2009 in de vorm van een eenmanszaak een schoonmaakbedrijf. Met ingang van 1 april 2009 wordt de onderneming gedreven in de vorm van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid.

Bij uitspraak van 26 augustus 2013 heeft de meervoudige strafkamer van de Rechtbank geoordeeld dat eiser in de periode 1 januari tot en met 1 april 2009 onderdelen van zijn personeels- en salarisadministratie betrekking hebbende op het schoonmaakbedrijf valselijk heeft opgemaakt.

Boekenonderzoek

Naar aanleiding van de bevindingen in het strafrechtelijk onderzoek en met gebruik van de daarbij in beslag genomen administratie is in januari 2011 door de inspecteur van de Belastingdienst een boekenonderzoek gestart naar onder meer de loonadministratie van eiser over het tijdvak 1 januari 2007 tot 1 april 2009. Het rapport van het boekenonderzoek volgt op 15 maart 2013.

Conclusie van het boekenonderzoek:

de loonadministratie voldoet niet aan de voorwaarden die de Wet op de loonbelasting stelt aan een loonadministratie. Loon is uitbetaald aan werknemers waarvan geen identiteitsgegevens zijn opgenomen in de loonadministratie. Deze loonbetalingen heb ik als nettoloonbetalingen aangemerkt. Dit nettoloon is gebruteerd en is als betaling aan anonieme werknemers belast met het anoniementarief.

Over de jaren 2007 en 2008 zijn aan het schoonmaakbedrijf naheffingsaanslagen loonheffingen opgelegd naar bedragen aan niet aangegeven loon van respectievelijk € 473.248 (2007) en € 335.668 (2008).

In geschil voor de rechtbank is of de naheffingsaanslagen terecht en tot de juiste bedragen zijn opgelegd.

Wat zegt de rechtbank?

Zolang een aan inhouding van loonbelasting onderworpen inkomensbestanddeel niet door het opleggen van een (navorderings)aanslag in de heffing van de inkomstenbelasting is betrokken, kan de voor dat inkomensbestanddeel verschuldigde loonbelasting worden nageheven bij de inhoudingsplichtige.

De man in kwestie heeft niet onderbouwd dat er al aanslagen in de sfeer van de inkomstenbelasting zijn opgelegd.

Hij heeft onvoldoende weersproken dat pas met het boekenonderzoek bekend is geworden dat het loon van verschillende werknemers niet in de loonadministratie is verantwoord en dat deze omstandigheid de aanleiding voor het opleggen van de naheffingsaanslagen is geweest. Het betoog van eiser faalt.

Verstrekte lijsten

Eiser stelt zich op het standpunt dat uit de stukken die hij bij de inspecteur heeft ingezien of uit de overgelegde stukken blijkt dat er meer uren tegen betaling is gewerkt dan in de aangiften loonbelasting is opgegeven. Verder stelt hij dat uit de door de inspecteur verstrekte lijsten niet blijkt dat er is gewerkt door personen die niet op de loonlijst stonden en dat in de lijsten tekens worden gebruikt waarvan de betekenis niet duidelijk is.

‘Symbool ‘V’ staat niet voor verlof maar voor ‘vinkje’

Eiser acht aannemelijk dat het teken ‘V’ staat voor ‘verlof’. Onduidelijk is op basis waarvan de inspecteur de niet opgegeven uren, werknemers en lonen heeft berekend. Van het niet doen van de vereiste aangiften is geen sprake, aldus eiser.

Volgens de inspecteur blijkt uit de loonadministratie het volgende:

In 2007 zijn 46 personen werkzaam geweest waarvan 33 personen niet in de loonadministratie voorkwamen. Van de personen die wel in de loonadministratie voorkwamen was het loon van 8 personen niet volledig verantwoord. In 2008 zijn 42 personen werkzaam geweest waarvan 35 personen niet in de loonadministratie voorkwamen. Van de personen die wel in de loonadministratie voorkwamen was het loon van 4 personen niet volledig verantwoord.

De betekenis van de gebruikte symbolen is niet altijd duidelijk, maar aannemelijk is dat het symbool ‘V’ is gebruikt om aan te duiden dat de desbetreffende werknemer op een bepaalde datum op het werk is ingezet. Verder is telkens uitgegaan van een bruto uurloon van € 8,90. Dit is een gemiddelde van de uurlonen die in de loonadministratie zijn verwerkt.

De rechtbank acht aannemelijk dat op de lijsten is vastgelegd welke werknemer op een bepaalde datum op een bepaalde locatie heeft gewerkt. Uit het feit dat de namen op de lijsten voorkomen op de data dat er op een matrixblad een ‘V’ is geplaatst leidt de rechtbank af dit symbool als ‘vinkje’ moet worden aangemerkt waarmee wordt aangeduid wanneer een bepaalde werknemer heeft gewerkt. Eiser heeft het door de inspecteur gehanteerde bruto uurloon en ook het aantal gewerkte uren per werknemer per inzet niet weersproken.

Gebreken in de aangiften

De rechtbank van oordeel dat sprake is van gebreken in de aangiften die ertoe leiden dat de volgens de aangiften verschuldigde belasting aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting. Eiser heeft niet alleen zowel in 2007 als in 2008 (afgerond) de helft van het loon van de in de loonadministratie opgenomen werknemers niet in de aangiften verwerkt, maar ook ongeveer 70% (2007) tot 80% (2008) van de werknemers die loon hebben ontvangen in het geheel niet in de loonadministratie opgenomen. De rechtbank concludeert dat eiser over zowel 2007 als 2008 de vereiste aangifte niet heeft gedaan.

De rechtbank is van oordeel dat de naheffingsaanslagen zijn gebaseerd op een redelijke schatting.

Uitspraak Rechtbank Noord-Holland, 7 juni 2017, ECLI:NL:RBNHO:2017:4915